Home (NL)
Nieuwe artikelen
Bijgewerkte artikelen
Nostradamus
Onderzoeksresultaten
Analyse kwatrijnen
Tweede Wereldoorlog
Discussieplatform
Publicaties
Lezingen
Interviews/recensies
Frans onderzoek
Web links
Contact
Gratis nieuwsbrief
Privacy / cookies
Redactioneel
top

NOSTRADAMUS, ASTROLOGIE EN DE BIJBEL
substudie "Tweede wereldoorlog"
Das Oberkommando der Wehrmacht gibt bekannt - ein Augenzeugenbericht des Auslandsprechers des OKW 
(M.H. Sommerfeldt, Frankfurt am Main, 1952)
- T.W.M. van Berkel -

English version
 

Inleiding
Martin Henry Sommerfeldt, zoon van een predikant, werd geboren in 1899. In de Eerste Wereldoorlog heeft hij gevochten als luitenant. Na de Eerste Wereldoorlog werkte hij als journalist, was hij correspondent bij het Duitse parlement en tijdelijk hoofdredacteur bij de Tägliche Rundschau. In 1932 heeft hij een biografie geschreven over Hermann Göring, getiteld Göring, was fällt Ihnen ein! - Eine Lebensskizze. Deze biografie is in 1933 opnieuw uitgebracht onder de titel Hermann Göring - ein Lebensbild, vele malen herdrukt, en in 1933 vertaald in het Zweeds met als titel Hermann Göring - En levnadsteckning. Göring benoemde hem tot hoofd van de persafdeling van het Pruisische Staatsministerie. De in 1933 uitgebrachte biografie Caren Göring (Görings eerste echtgenote), geschreven door Fanny Gräfin von Wilamowitz-Moellendorff, bevatte een nawoord, geschreven door Sommerfeldt.
In 1934 verscheen bij Mittler Verlag het door Sommerfeldt geschreven boek Kommune! - Dargestelt auf Grund der neuesten amtlichen Materials. Eveneens bij Mittler Verlag verscheen in 1935 het boek Des Kirchenstreites Ende, geschreven door Sommerfeldt, Rudolf Schmidt en Hansludwig Geiger. 
In 1936 ging Sommerfeldt opnieuw het leger in en werd hij eerste luitenant bij de Reserve. In 1938 werd hij bevorderd tot kapitein; in 1942 tot majoor.[1]
Sommerfeldt werd in november 1939 als verbindingsofficier van het Oberkommando der Wehrmacht gedetacheerd bij de onder de Reichsregierung ressorterende afdeling Auslandspresse en was woordvoerder van het Oberkommando der Wehrmacht. In die functie lichtte hij dagelijks gedurende de gehele oorlog de militaire stand van zaken toe voor de geaccrediteerde buitenlandse pers. Minstens eenmaal per dag, vaak tweemaal, deed hij dit eveneens in de bijeenkomsten van de buitenlandse pers in het Propagandaministerie. Hij was dikwijls aanwezig bij de geheime dagelijkse propagandabesprekingen op het Propagandaministerie en bracht vaak onder vier ogen rapport uit aan Goebbels.[2]
Sommerfeldt heeft na de Tweede Wereldoorlog twee boeken geschreven. In 1949 verscheen Ich war dabei - die Verschwörung der Dämonen 1933-1939. Hierin ging Sommerfeldt in op onder andere de brand in de Reichstag en de gebeurtenissen rond Ernst Röhm. In 1952 verscheen Das Oberkommando der Wehrmacht gibt bekannt - ein Augenzeugenbericht des Auslandsprechers des OKW, waarin tal van verhandelingen staan over wat zich in de Tweede Wereldoorlog afspeelde.
In dit artikel wordt een passage besproken uit hoofdstuk VI in Das Oberkommando der Wehrmacht gibt bekannt. In deze passage heeft Sommerfeldt over Nostradamus geschreven, over de Centuriën en over een richtlijn die Goebbels heeft uitgevaardigd aangaande het in de publiciteit brengen van één van de voorspellingen uit de Centuriën. Deze passage is voor een deel opgenomen in Wollt Ihr den totalen Krieg? (Willi A. Boelcke, Herrsching, 1989 [1967]). Franz Isfort heeft een deel van deze passage toegevoegd aan zijn in 1995 uitgegeven vertaling van Ellic Howe's Astrology and the Third Reich (Londen, 1984).
[3]

 

Geruchten en wonderen

Sommerfeldt 1952
Sommerfeldt
1952

Hoofdstuk VI in Das Oberkommando der Wehrmacht gibt bekannt draagt als titel Goebbels' Krieg. In dit hoofdstuk heeft Sommerfeldt aandacht besteed aan de propaganda die Goebbels op de Duitse bevolking heeft gericht, in het bijzonder aan fluistercampagnes en campagnes, die inspeelden op het geloof in wonderen.[4]
Goebbels, die de nieuwsgaring aan banden had gelegd en een streng verbod had uitgevaardigd op het lezen van buitenlandse kranten en het luisteren naar buitenlandse en neutrale radiozenders, wilde via fluistercampagnes groepen mensen demoraliseren of bewegen tot een heroïsche offervaardigheid. Met deze campagnes speelde hij in op de hang naar nieuws, zeker naar nieuws, afkomstig uit een verboden bron. Hij profiteerde van de eigenschap van mensen om tijdens het doorvertellen van geheime, verboden geruchten de inhoud ervan niet af te zwakken maar te overdrijven, niet in de laatste plaats om zichzelf erdoor belangrijk te maken. De geruchten die hij vanuit het Propagandaministerie liet verspreiden en die een illegaal karakter droegen, breidden zich dan ook uit als een olievlek.
Sommerfeldt heeft twee voorbeelden gegeven van fluistercampagnes. In één ervan heeft hij beschreven dat toen in Duitsland rekening moest worden gehouden met een inperking van het civiele treinverkeer, het Propagandaministerie het gerucht in omloop bracht dat in Duitsland het gehele civiele treinverkeer per 1 oktober zou worden stilgelegd. Binnen één week wist heel Duitsland dit. Toen uiteindelijk het civiele treinverkeer slechts voor de helft werd stilgelegd, was de algemene reactie er één van opluchting en trots op de regering, die erger had weten te voorkomen.
Toen na enkele jaren de fluistercampagnes feilloos werkten (aan indiscreties werd meer waarde gehecht dan aan communiqués van de overheid) speelde Goebbels volgens Sommerfeldt in op een ander element in het Duitse collectieve denken: het geloof in wonderen. Als voorbeeld hiervan heeft Sommerfeldt een instructie van Goebbels beschreven waarin deze een richtlijn uitvaardigde over het in de publiciteit brengen van een voorspelling in de Centuriën.

 

Nostradamus in Das Oberkommando der Wehrmacht gibt bekannt
Sommerfeldt heeft Nostradamus in Das Oberkommando der Wehrmacht gibt bekannt beschreven als een Franse arts en astroloog die aan het Hof van Henri II zijn Centuriën schreef, voorspellingen voor de duur van 1500 jaar. Hij tekent aan dat de Centuriën in duistere taal zijn gesteld, iets dat bij profeten gebruikelijk is, waardoor ze voor velerlei uitleg vatbaar zijn en, net als de spreuken van het Orakel van Delphi, gemakkelijk kunnen worden uitgelegd naargelang het iemand uitkomt.
Sommerfeldt schrijft dat in Zenturie 32 een schitterende voorspelling staat van de oprichting in 1871 van het Duitse keizerrijk en dat niets beter bruikbaar is voor de veldtocht in 1940 tegen Frankrijk als Zenturie 33. Vervolgens beschrijft hij dat Zenturie 33 volgens Goebbels in de vorm van een illegale kettingbrief in omloop zou moeten komen:

Goebbels over Zenturie 33
In: Sommerfeldt (1952), p.57

Behaaglijk leunt de minister achterover in zijn zetel aan het hoofdeinde van de lange vergadertafel in het Promi (het Propagandaministerie):

Dit is een truc waarvan we langdurig gebruik kunnen maken. Ik verbied iedere druk van deze voorspelling van monsieur Nostradamus. Hij mag alleen verspreid worden via pamfletten in de vorm van een kettingbrief, handgeschreven, hooguit getypt. Dit moet eruit zien als verboden lectuur. Het mondelinge commentaar: de magische overeenstemming van Zenturie 33 met het jaar van machtsovername 33, uitleg: nieuwe orde in Europa door Groot-Duitsland, een bezetting van Frankrijk die slechts tijdelijk is, Groot-Duitsland brengt het duizendjarig Rijk en de duizendjarige vrede. Dit soort ongehoorde onzin moet natuurlijk ook via de radiozender in Frankrijk worden verspreid.

Dan knipt Goebbels vergenoegd met zijn vingers:

De grote Vorst uit Armenië houden we achter de hand totdat de heer Stalin uit Georgië ons de oorlog verklaart - of wij hem. Nog vragen of opmerkingen over dit onderwerp? Dank u.

De deelnemers (Sommerfeldt schrijft over Auguren) glimlachen en maken aantekeningen. Een paar uur later komen de telexen in werking. Enkele dagen later krijgt men in de schuilkelders een pamflet in de hand gedrukt: Pas op! Niemand mag dit zien! Nostradamus! 

 

Overeenkomsten met Nostradamus - prophetische Weltgeschichte von 1547 bis gegen 3000 (Bruno Noah, Berlijn, 1928)

Noah 1928
Noah
1928
Noah 2005
Noah
heruitgave 2005

Sommerfeldt schrijft dat de Centuriën een looptijd hebben van 1500 jaar. Dit is niet in overeenstemming met de gebruikelijke opvatting dat de looptijd 2242 jaar is, beginnend in 1555, het jaartal dat is vermeld aan het eind van het Voorwoord aan César, en eindigend in 3797, een jaartal dat is vermeld in dit Voorwoord. 
Opvallend is ook dat Sommerfeldt schrijft dat Nostradamus zijn Centuriën heeft geschreven aan het Hof van Henri II.
Sommerfeldt geeft van Zenturie 32 en Zenturie 33 de Duitse tekst. Uit zijn notatiewijze blijkt niet tot welke centuriën (honderdtallen) deze Zenturien horen. Dit suggereert dat hij de tekst van deze Zenturien heeft ontleend aan een Duitstalige publicatie, waarin Zenturien staan die wat betreft hun nummering niet verwijzen naar centuriën (honderdtallen), maar naar een reeks van ten minste 33 Zenturien. Een verdere bijzonderheid is dat Zenturie 33 uit acht regels bestaat, terwijl een kwatrijn dat deel uitmaakt van de Centuriën altijd uit vier regels bestaat.
Uit de literatuurstudie waarop dit artikel is gebaseerd, is naar voren gekomen dat de looptijd van 1500 jaar, het gebruik van het woord Zenturie en de Duitse tekst van Zenturie 32 en Zenturie 33 teruggevoerd kunnen worden op Nostradamus - prophetische Weltgeschichte von 1547 bis gegen 3000, geschreven door Bruno Noah in 1927 en uitgegeven in Berlijn in 1928. Uit de subtitel van dit boek blijkt dat Noah een periode van ongeveer 1500 jaar bespreekt, om precies te zijn 1453 jaar, een periode die loopt van 1547 tot 3000. Als brontekst heeft Noah de editie-Ribou-1668 gebruikt (door hem foutief aangeduid als de editie-Ribon-1668). In deze editie staat in de Brief aan Henri II niet de datum 14 maart 1557 zoals in bijvoorbeeld de facsimile-Chomarat-2000, maar de datum 14 maart 1547.[5] Aan het begin van zijn bespreking van de Centuriën heeft Noah vermeld dat de looptijd van de Centuriën is begonnen in 1555 en zal eindigen in 3797, informatie die alleen in het Voorwoord aan César staat. In navolging van de editie-Ribou-1668 heeft hij dit Voorwoord niet in zijn boek opgenomen en aan de jaartallen die in dit Voorwoord staan, geen consequenties verbonden.
Noah heeft voor de nummering van de kwatrijnen een notatiewijze gebruikt waarbij hij de kwatrijnen aanduidt met het woord Zenturie en bij ieder kwatrijn de centurie vermeldt en het kwatrijnnummer, bijvoorbeeld Zenturie 1, 32 (= kwatrijn 01-32).
Zenturie 32 in de aantekeningen van Sommerfeldt is de volledige, taalkundig gemoderniseerde weergave van de vertaling die Noah heeft gemaakt van kwatrijn 01-32. De oorspronkelijke woorden Zepter ruhn in de vertaling van Noah zijn in de versie in de aantekeningen van Sommerfeldt vervangen door de woorden Szepter ruhen. Kwatrijn 01-32 is door Noah gekoppeld aan de oprichting in 1871 van het Duitse keizerrijk. De mogelijkheid bestaat dat deze koppeling is overgenomen in het commentaar dat is geleverd op Zenturie 32. De overeenkomst in kwatrijnnummer (Noah: Zenturie 1, 32; Sommerfeldt: Zenturie 32) kan berusten op toeval.
Zenturie 33 in de aantekeningen van Sommerfeldt is een samentrekking van de vertaling die Noah heeft gemaakt van de kwatrijnen 05-94 en 10-42, waarbij een aantal veranderingen zijn doorgevoerd. De eerste vier regels van Zenturie 33 kunnen worden teruggevoerd op Noah's vertaling van kwatrijn 05-94. Aan de tweede regel van Zenturie 33 is het woord vorübergehend toegevoegd; aan de derde regel het woord Doch. De tweede vier regels van Zenturie 33 kunnen worden teruggevoerd op Noah's vertaling van kwatrijn 10-42. In de zesde regel van Zenturie 33 is het oorspronkelijke woord begründet veranderd in gegründet. Noah heeft de kwatrijnen 05-94 en 10-42 in de toekomst geplaatst, zonder er een vervullingjaar aan toe te kennen of ze te koppelen aan Hitler, het nationaalsocialisme of de NSDAP.

De kwatrijnen 01-32, 05-94 en 10-42 (Noah, 2005 [1928]) en de Zenturien 32 en 33 (in: Sommerfeldt, 1952)

Noah (2005 [1928]), p.122, 179 en 207

Sommerfeldt (1952), p.56-57

Zenturie 1, 32
Das große Reich, das früh zerstückelt,
Wird aus den Inneren heraus,
Aus kleiner Grafschaft wachsen.
In seinem Schoß wird das Zepter ruhn.

 

Zenturie 5, 94
Brabant, Flandern, Gent, Brügge und Boulogne
Werden mit dem großen Deutschland vereinigt.
Wenn der Waffengang beendet ist
Wird der große Fürst von Armenien Kampf ansagen.

 

Zenturie 10, 42
Eine Ära der Humanität göttlicher Herkunft beginnt,
Die Friedenszeit wird durch Einigkeit begründet,
Gefangen sitzt der Krieg auf der halben Welt,
Lange Zeit wird der Frieden bewahrt.

Zenturie 32
Das große Reich, das früh zerstückelt
wird aus den Inneren heraus
aus kleiner Grafschaft wachsen.
In seinem Schoß wird das Szepter ruhen.

 

Zenturie 33
Brabant, Flandern, Gent, Brügge und Boulogne
werden vorübergehend mit dem großen Deutschland vereinigt.
Doch wenn der Waffengang beendet ist,
wird der große Fürst von Armenien Kampf ansagen.
Eine Ära der Humanität göttlicher Herkunft beginnt,
die Friedenszeit wird durch Einigkeit gegründet,
gefangen sitzt der Krieg auf der halben Welt,
lange Zeit wird der Frieden bewahrt.

 

 

Goebbels over Zenturie 33 in een geheime dagelijkse propagandabespreking
Sommerfeldt heeft noch de aard, noch de datum gegeven van de bijeenkomst waarin Goebbels heeft verordend hoe Zenturie 33 in de publiciteit moest worden gebracht. In zijn functie van verbindingsofficier van het Oberkommando der Wehrmacht heeft Sommerfeldt deelgenomen aan de geheime dagelijkse propagandabesprekingen op het Propagandaministerie. Het is erg waarschijnlijk dat hij de aantekeningen over Goebbels' richtlijn aangaande het gebruik van Zenturie 33 heeft gemaakt tijdens een dergelijke bespreking, temeer omdat Goebbels volgens Sommerfeldt in de geheime dagelijkse propagandabesprekingen voortdurend cliché-uitdrukkingen gebruikte zoals een truc waarvan we langdurig gebruik kunnen maken en achter de hand houden, uitdrukkingen die ook voorkomen in de aantekeningen van Sommerfeldt over het gebruik van Zenturie 33.[6]
In de notulen van de geheime dagelijkse propagandabesprekingen op het Propagandaministerie is niet woordelijk beschreven wat de deelnemers aan deze besprekingen hebben gezegd. Deze notulen bevatten de inhoud van de instructies die Goebbels tijdens de besprekingen heeft gegeven, de namen van degenen voor wie de instructies bestemd waren en de termijn waarin een en ander afgewikkeld moest worden. Een aantal deelnemers aan deze besprekingen hebben tegenover Boelcke verklaard dat de notulen geredigeerde, verkorte besluitenlijsten zijn, waarin zeker niet datgene staat waarover tijdens een bespreking was gezegd dat het buiten de notulen moest blijven. Tijdens deze besprekingen is dus meer aan de orde gekomen dan wat uiteindelijk is opgetekend in de notulen.[7] 
In 1966 heeft Boelcke geschreven dat in verschillende memoires soms aantekeningen staan zijn gemaakt tijdens een geheime dagelijkse propagandabespreking.[8] Boelcke heeft de aantekeningen van Sommerfeldt over Nostradamus niet in 1966 ter sprake gebracht, maar in 1967, in het kader van de notulen van de geheime dagelijkse propagandabesprekingen van 22 en 25 november 1939, zonder er een concrete datum aan te verbinden.[9] 
De eerste keer dat in de notulen van de geheime dagelijkse propagandabesprekingen iets over Nostradamus is vastgelegd, is geweest op 22 november 1939, één dag nadat Goebbels er voor het eerst iets over schreef in zijn dagboek.[10] In de notulen van de propagandabespreking van 22 november 1939 staat dat publicaties over voorspellingen verboden zullen worden. Eventueel zal Nostradamus worden gebruikt in een Frans pamflet. Leopold Gutterer, hoofd van de afdeling Propaganda in het Propagandaministerie, krijgt de opdracht hieromtrent voorstellen te doen. 
In de propagandabespreking van 25 november 1939 rapporteert Gutterer over de voor Frankrijk bestemde pamfletten. In de notulen van deze bespreking staat dat hij de opdracht krijgt het Nostradamus-pamflet zo snel mogelijk te laten vervaardigen.
De aantekeningen van Sommerfeldt over Goebbels' richtlijn ten aanzien van het in de publiciteit brengen van Zenturie 33 laten zich in zoverre dateren dat ze in een hoofdstuk staan waarin Sommerfeldt, net als in het voorgaande hoofdstuk, regelmatig schrijft over november 1939. Zij kunnen echter niet zonder meer worden gekoppeld aan de notulen van de propagandabespreking van 25 november 1939. In die notulen immers staat dat Gutterer de opdracht krijgt het Nostradamus-pamflet (dat is bestemd voor Frankrijk) zo snel mogelijk te laten vervaardigen. Er staat niet in dat Goebbels opdracht heeft gegeven tot het vervaardigen van een kettingbrief en het verzorgen van een radio-uitzending op basis van Zenturie 33.
In het dagboek van Goebbels staat wél een aantekening over het vervaardigen van een kettingbrief op basis van de Centuriën. In deze aantekening, die betrekking heeft op 13 december 1939, heeft Goebbels geschreven dat Nostradamus door Taubert gesloopt wordt ten behoeve van een brochure en een kettingbrief.[11] Op 13 december 1939 was er ook een geheime dagelijkse propagandabespreking. In punt 2 van de notulen van die bespreking staat dat Goebbels zich heeft uitgelaten over de propaganda met het astrologische materiaal. Het geschrift Nostradamus is naar zijn mening geweldig goed opgesteld. Goebbels spoort aan de horoscopen van de leiders van de westelijke machten te bewerken. Verder geeft hij opdracht kruiswoordraadsels en toepasselijke antwoorden te maken en in het buitenland te verspreiden. Tenslotte wordt ook de samenstelling van de getallenmystiek goedgekeurd en vrijgegeven.
[12] In deze notulen is niets vermeld over een kettingbrief op basis van Zenturie 33. Er is meer informatie nodig om vast te stellen of de aantekeningen van Sommerfeldt, de aantekening van Goebbels met betrekking tot 13 december 1939 en de notulen van de geheime dagelijkse propagandabespreking van 13 december 1939 met elkaar in verband staan of niet.

 

Bespreking van de aantekeningen van Sommerfeldt
Sommerfeldt bespreekt Zenturie 33 als voorbeeld van het inspelen op het onder de Duitse bevolking levende geloof in wonderen. Uit het dagboek van Goebbels en de notulen van de geheime dagelijkse propagandabesprekingen komt een dergelijk gebruik van de Centuriën niet naar voren. In een gesprek op 23 november 1939 met overste b.d. Hans-Wolfgang Herwarth von Bittenfeld, buitengewoon hoofd van de afdeling Auslandspresse in het Propagandaministerie, heeft Goebbels in het kader van het gebruik van de Centuriën voor psychologische oorlogvoering gezegd dat het bijgeloof, dat alom in de wereld leeft, moet worden uitgebuit om de tegenstander onderuit te halen.
[13] Deze woorden wijzen eerder op propaganda, gericht op de tegenstanders van Duitsland, dan op propaganda, gericht op de Duitse bevolking. In het dagboek van Goebbels en de notulen van de propagandabesprekingen komen alleen publicaties ter sprake, bestemd voor "het buitenland" dan wel "de neutralen". Sommerfeldts weergave van de verordening van Goebbels over het in de publiciteit brengen van Zenturie 33 impliceert dat Goebbels zowel in Duitsland als in Frankrijk ruchtbaarheid aan deze voorspelling wilde geven, zonder te willen zinspelen op Stalin. Dat de Centuriën zijn gebruikt voor nationaalsocialistische propaganda, gericht op Duitsland, blijkt overigens uit het artikel Die Prophezeiungen des Nostradamus, waarin Elisabeth Noelle schreef dat Nostradamus de Duitse veldtocht had voorspeld tegen Frankrijk. Dit artikel is gepubliceerd in de Deutsche Allgemeine Zeitung op 16 juni 1940, aansluitend op de vlucht van de Franse regering naar Bordeaux en de val van Parijs.
Uit de aantekeningen van Sommerfeldt blijkt verder dat in november 1939 in het Propagandaministerie een Duitstalige publicatie heeft gecirculeerd, waarin ten minste 33 Zenturien hebben gestaan en waarvoor gebruik is gemaakt van kwatrijnteksten, gepubliceerd in (onder andere) Noah's Nostradamus - prophetische Weltgeschichte von 1547 bis gegen 3000. Deze kwatrijnteksten zijn deels gemoderniseerd, deels veranderd ten gunste van "de Duitse zaak". In deze publicatie moet een toekomstbeeld zijn uiteengezet aan de hand van onder andere Zenturie 33, waarbij de implicatie dat dit toekomstbeeld werkelijkheid zou worden werd bekrachtigd door de presentatie van een uitgekomen voorspelling ten aanzien van de oprichting in 1871 van het Duitse keizerrijk (Zenturie 32).
In zijn toelichting heeft Sommerfeldt geschreven dat niets beter bruikbaar is voor de veldtocht tegen Frankrijk in 1940 als Zenturie 33. De aanduiding "in 1940" lijkt te impliceren dat in mei/juni 1940 op een of andere wijze op basis van Zenturie 33 propaganda is gevoerd.

 

De lotgevallen van kwatrijn 05-94
Zenturie 33 is een samentrekking van de kwatrijnen 05-94 en 10-42. Kwatrijn 05-94 is ter sprake gekomen in een aantal nationaalsocialistische commentaren op de Centuriën. In deze paragraaf worden de commentaren op kwatrijn 05-94 die in deze publicaties staan, vergeleken met de aantekeningen van Sommerfeldt. Verder is in een aantal publicaties aangaande de Tweede Wereldoorlog en de Centuriën beschreven hoe Goebbels kwatrijn 05-94 heeft becommentarieerd. Deze beschrijvingen worden niet alleen vergeleken met de aantekeningen van Sommerfeldt, maar ook met de bevindingen van Ellic Howe.

a. Hoe zal deze oorlog eindigen?... / Nostradamus spådomar om kriget (1940)
Eén van de veronderstellingen in deze studie over de lotgevallen van de Centuriën in de Tweede Wereldoorlog is dat een aantal medewerkers van het Propagandaministerie in opdracht van Goebbels in november - december 1939 een brochure hebben geproduceerd, dat in meerdere talen is uitgebracht. De titel van de Nederlandse vertaling luidt: Hoe zal deze oorlog eindigen?... De titel van de Zweedse vertaling luidt: Nostradamus spådomar om kriget
Uit het dagboek van Goebbels en de notulen van de geheime dagelijkse propagandabesprekingen blijkt dat Goebbels opdracht heeft gegeven tot het samenstellen en produceren van deze brochure en zich voortdurend liet informeren over de voortgang van de productie van deze brochures en de verspreiding ervan.
Goebbels heeft in zijn dagboek dit geschrift gekarakteriseerd als een schitterende brochure voor de neutralen, geheel en al schijnheilig en braaf.[14] De tijd rond 1940 is in deze brochure bestempeld als een tijd waarin geweldige gebeurtenissen van wereldhistorische betekenis voor de deur staan. Nostradamus heeft deze gebeurtenissen voorzien. Het belang van deze gebeurtenissen blijkt uit het grote aantal kwatrijnen dat hij eraan heeft gewijd, een aantal dat groter is dan het aantal kwatrijnen dat is gewijd aan de voorbije vier eeuwen.[15] Aan de hand van een aantal uit hun verband gerukte passages uit De Fontbrune's Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus expliquées et commentées (Sarlat, 1939 [1938]) wordt uiteengezet dat de ondergang van Engeland nabij is en wordt de Duitse overwinning in het vooruitzicht gesteld in de vorm van een open vraag.
Wat opvalt in vergelijking met de aantekeningen van Sommerfeldt is dat in deze brochures kwatrijn 05-94 niet is opgenomen, evenmin als de kwatrijnen 01-32 en 10-42.

b. Die Prophezeiungen des Nostradamus (Informations-Schriften #18, 1940)
In de brochure Die Prophezeiungen des Nostradamus (N.N., serie Informations-Schriften #18, 1940) staan alleen de eerste twee regels van kwatrijn 05-94, zonder commentaar.[16]

c. Comment Nostradamus a-t-il entrevu l'avenir de l'Europe? (1941) / Nostradamus sieht die Zukunft Europas (1940)
In april 1941 verscheen in Brussel een Franstalige publicatie van de Zwitserse astroloog Karl Ernst Krafft, getiteld Comment Nostradamus a-t-il entrevu l'avenir de l'Europe?. Hierin geeft hij de Franstalige tekst van kwatrijn 05-94, afkomstig uit een fotokopie die hij heeft laten vervaardigen van een editie-B.Rigaud-1568 van de Centuriën:

Translatera a la grand Germanie
Brabant & Flãdres, Gand, Bruges,& Bolongne:
La traisue fainte, le grand duc d'Armenie,
Assaillira Vienne & la Coloigne.

Krafft heeft kwatrijn 05-94 becommentarieerd in de zin van een uitgekomen voorspelling van de verovering door Groot-Duitsland en haar Führer van Polen, Oostenrijk, het Rijnland, Brabant en Vlaanderen. Krafft schrijft dat het woord Bolongne in de tweede regel een zinspeling is op Polen (Bolongne Boulogne Pologne).
De woorden La traisue fainte (de geveinsde wapenstilstand) in de derde regel zijn door Krafft uitgelegd als een zinspeling op het Verdrag van Versailles.
Arminius (Herman de Cherusk, 17 vChr - 21 AD), de aanvoerder van een Germaans stammenleger dat in Westfalen in 9 AD drie Romeinse legioenen versloeg en hun hulptroepen. Arminius werd gemythologiseerd als de bevrijder van Germania. Volgens Krafft is met de woorden le grand duc d'Armenie Hitler aangeduid, een eigentijdse Arminius.
Wat opvalt, is dat in de Franse tekst van kwatrijn 05-94 die Krafft geeft, het woord Armenie staat.
In het Duitstalige manuscript Nostradamus sieht die Zukunft Europas dat dateert uit de eerste helft van 1940 en dat na bewerking in 1941 is gepubliceerd in zes vertalingen, waaronder Comment Nostradamus a-t-il entrevu l'avenir de l'Europe?, heeft Krafft de woorden le grand duc d'Armenie eveneens uitgelegd in de zin van "de grote Leider van het land van Arminius". Het woord Bologne in de tweede regel heeft hij echter niet betrokken op Polen, maar op de Franse stad Boulogne. Ook in de Deense en de Spaanse vertaling van Nostradamus sieht die Zukunft Europas is het woord Bologne niet betrokken op Polen, maar op de Franse stad Boulogne.
[17]  

d. Der Seher von Salon (Informations-Schriften  #38, 1941)
In de brochure Der Seher von Salon (dr. H.-H. Kritzinger, Informations-Schriften #38, Berlijn, 1941) is kwatrijn 05-94 als volgt weergegeven:

Hinübernehmen nach Großdeutschland wird.
Brabant und Flandern, Gent und Brügge, Polen -
Vertrag war Schwindel! - Der Arminien führt,
Wird sich im Sprunge Wien und Cöllen holen.

De Duitse bewerking van kwatrijn 05-94 in deze brochure hangt samen met de ideeën van Krafft over Armenie Arminie en met zijn idee dat met het woord Boloigne in de tweede regel Polen is aangeduid (Bologne Boulogne Pologne). Wat opvalt, is dat de woorden le grand duc d'Armenie niet in het Duits zijn vertaald, maar zijn vervangen door de woorden Der Arminien führt. In feite is de Duitse tekst van kwatrijn 05-94 in Der Seher von Salon toegesneden op het commentaar dat in Der Seher von Salon op dit kwatrijn is geleverd. In dit commentaar is uitvoerig aandacht besteed aan de overwinning die Arminius in 9 AD op de Romeinen heeft behaald en is deze overwinning in het licht gesteld van de Duitse overwinningen in Polen in 1939 en Frankrijk in 1940.[18]

e. Voorspellingen die uitgekomen zijn... (1941)
In Voorspellingen die uitgekomen zijn..., (De Tombre, Arnhem, 1941), een vertaling van een uit 1941 daterend geschrift van dr. phil. Alexander Max Centgraf, zijn de derde en vierde regel van kwatrijn 05-94 betrokken op Stalin.[19]

f. Dr. Goebbels nach Aufzeichnung aus seiner Umgebung (1949)
Boris von Borresholm en Karena Niehoff, die zich baseren op een reeks niet nader gespecificeerde dagboekaantekeningen, hebben in het hoofdstuk Nostradamus in Dr. Goebbels nach Aufzeichnung aus seiner Umgebung geschreven over een gesprek tussen Goebbels en Krafft.[20] Op 2 november 1939 zou Krafft Hitler in een brief hebben gewaarschuwd dat diens leven tussen 7 en 10 november 1939 gevaar liep. Op 8 november 1939 mislukte een aanslag op Hitler. Wegens verdenking van betrokkenheid bij die aanslag werd Krafft gearresteerd door de Gestapo. Toen Goebbels hoorde dat daar geen bewijzen voor waren gevonden, bewerkstelligde hij de vrijlating van Krafft en liet hij hem in het geheim overbrengen naar zijn kantoor aan de Wilhelmplatz in Berlijn. 
Volgens Von Borresholm en Niehoff liet Krafft aan Goebbels een manuscript zien waaraan hij werkte, getiteld Einführung zu den Prophéties de Maistre Michel Nostradamus. Uit dit manuscript heeft hij de Franse tekst voorgelezen van een kwatrijn, dat bij nader inzien kwatrijn 05-94 blijkt te zijn. In Dr. Goebbels nach Aufzeichnung aus seiner Umgebung luidt deze tekst:

Translatera en la grande Germanie
Brabant et Flandes, Gent, Bruges, Boloigne:
La Traisue fainte, le grand duc d'Armenie,
Assailira Vienne et la Coloigne.

Volgens Von Borresholm en Niehoff heeft Krafft dit kwatrijn als volgt aan Goebbels uitgelegd: omdat de wapenstilstand geveinsd was, zal de grote Leider van Arminië (van het land van Arminius) Brabant, Vlaanderen, Gent, Brugge en Boulogne naar Groot-Duitsland overbrengen en zal hij verrassend Wenen en het Rijnland bezetten.[21] Goebbels is getroffen door het propagandistisch potentieel van deze uitleg.
Enkele maanden later, zo beëindigen Von Borresholm en Niehoff hun verhaal, worden miljoenen pamfletten uitgestrooid over de Maginotlinie, waarin in het Frans staat dat Nostradamus niet alleen de intrede van Hitler in het Rijnland en Oostenrijk heeft voorspeld, maar ook de verovering van België en de Kanaalkust, waarbij de woorden le grand duc d'Armenie werden uitgelegd in de zin van "de grote Leider van het land van Arminius". 
Boelcke heeft aan het verhaal van Von Borresholm en Niehoff de veronderstelling vastgeknoopt dat Goebbels in het gesprek met Krafft voor de eerste keer in aanraking kwam met de Centuriën.[22]
Het verhaal van Von Borresholm en Niehoff speelt zich af in de eerste weken van november 1939. De aantekeningen van Sommerfeldt hebben betrekking op een geheime dagelijkse propagandabijeenkomst die waarschijnlijk eind november 1939 heeft plaatsgevonden. De vraag is of Goebbels in de loop van november 1939 andere ideeën heeft gekregen over hoe kwatrijn 05-94 in propagandistische zin moest worden benut, dat wil zeggen in die zin dat de derde en vierde regel niet moesten worden gekoppeld aan Hitler (de grote Leider van Arminië) maar aan Stalin. Naar mijn mening is dit niet het geval, het verhaal van Von Borresholm en Niehoff is eerder legendarisch dan dat het in historische zin betrouwbaar is. Howe, die uitvoerig onderzoek heeft gedaan naar het leven en werk van Krafft, heeft niets geschreven over een gesprek tussen Krafft en Goebbels aansluitend op diens vrijlating in 1939. Volgens Howe kwam Goebbels voor het eerst in aanraking met de Centuriën via zijn echtgenote, die hem attendeerde op een passage in Mysterien von Sonne und Seele (Berlijn, 1922), waarin dr. H.-H. Kritzinger het commentaar van zijn landgenoot Loog weergaf op kwatrijn 03-57; Loog verwachtte voor 1939 een crisis in Engeland en tegelijkertijd een crisis in Polen. Kritzingers verhaal omtrent de manier waarop Goebbels voor het eerst in aanraking kwam met de Centuriën lijkt voor een deel aan te sluiten met hetgeen Goebbels erover heeft geschreven in zijn dagboek.[23] De eerste keer dat er tussen nationaalsocialistische instanties en Krafft contact was vanwege de Centuriën, was in december 1939; Krafft sprak toen echter niet met Goebbels.[24] Von Borresholm en Niehoff schrijven verder dat Krafft in 1939 werkzaam was als vertaler van Franse boeken en dat Goebbels Krafft in 1939 te werk heeft gesteld op de Franse vertaalafdeling van het Deutsche Nachrichtenbüro, terwijl Krafft volgens Howe vanaf oktober 1939 werkte voor Amt VII van het Reichssicherheitshauptamt en in het voorjaar van 1940 als vertaler ging werken bij het Deutsche Nachrichtenbüro; hij had die baan gevonden via een vriend.[25]
Krafft heeft een publicatie op zijn naam staan, getiteld Einführung zu den "Prophéties de Maistre Michel Nostradamus". Deze publicatie draagt als voltooiingsmaand medio augustus 1940 en is in november 1940 als bijlage verschenen bij Les Propheties de Maistre Michel Nostradamus, Bildgetreuer, vergrösserter Abdruck einer Ausgabe der "Prophéties", erschienen bei Benoist RIGAUD Lyon unter dem Datum 1568. In de Einführung... staan géén volledige kwatrijnteksten maar citaten uit kwatrijnen en verwijzingen naar kwatrijnregels. Over kwatrijn 05-94 schrijft Krafft: La trève feinte - Weil der Waffenstillstand eine finte, der Friedensschluß ein Betrug war; assaillira - wird überraschend besehen; "Duc" ist nicht mehr der 'Herzog' sondern das Hauptwordt zu ducere - führen. Verder staat in de Einführung... dat het woord grand in kwatrijn 05-94 op dezelfde persoon wijst als soortgelijke woorden in de kwatrijnen 06-34, 09-83, 03-53, 05-83 en 04-68 en dat de woorden grand duc d'Armenie verwijzen naar het land van Arminius.[26]
De conclusie ten aanzien van het verhaal van Von Borresholm en Niehoff is dat zij de gebeurtenissen in november 1939 in zoverre juist hebben weergegeven dat er een mislukte aanslag is gepleegd op Hitler, dat Krafft op verdenking van betrokkenheid is gearresteerd door de Gestapo en na korte tijd wegens gebrek aan bewijs is vrijgelaten. Deze vrijlating is niet door Goebbels bewerkstelligd; Krafft heeft met hem geen gesprek gevoerd. De eerste keer dat Krafft een gesprek over de Centuriën heeft gevoerd met nationaalsocialistische instanties was in december 1939. Het verhaal van Von Borresholm en Niehoff bevat verder enkele onjuiste feiten aangaande de werkzaamheden van Krafft in 1939.

g. Nostradamus - der Prophet der Weltgeschichte (1953) en Nostradamus - prophetische Weltgeschichte (1968)
Dr. N. Centurio, schuilnaam van dr. phil. Alexander Max Centgraf, heeft kwatrijn 05-94 gekoppeld aan Hitler en Stalin. In de bespreking van de betekenis van dit kwatrijn in Nostradamus - der Prophet der Weltgeschichte (Berlijn, 1953) schreef hij dat de bekende astroloog en Nostradamus-onderzoeker Krafft in het geval van kwatrijn 05-94 de plank finaal had misgeslagen. Volgens Centgraf had Krafft aan Goebbels uitgelegd dat de woorden le grand duc d'Armenie een aanduiding vormden voor Stalin. Goebbels wist Krafft er echter van te overtuigen dat met deze woorden niet Stalin werd bedoeld, maar Hitler. Krafft werd vervolgens een adviseur van het nationaalsocialistisch propaganda-apparaat.[27] In Nostradamus - prophetische Weltgeschichte (Bietigheim, 1968) schreef Centgraf dat Krafft Goebbels in 1938 op grond van kwatrijn 05-94 waarschuwde dat in dit kwatrijn Stalin was aangeduid; Goebbels zou Krafft ertoe hebben overgehaald het woord Armenie te veranderen in Arminie. Krafft gaf hieraan gehoor en werd niet alleen aangesteld als adviseur van het nationaalsocialistisch propaganda-apparaat, maar ook als astrologisch adviseur van Hitler.[28]  
In de bespreking van het relaas van Von Borresholm en Niehoff is reeds opgemerkt dat volgens Howe de contacten tussen Krafft en nationaalsocialistische instanties vanwege de Centuriën dateren uit december 1940. Verhalen omtrent Kraffts werkzaamheden als astrologisch adviseur van Hitler zijn naar zijn mening ruchtbaar gemaakt door kapitein Louis de Wohl, de schrijver van Sterren stralen in oorlog en vrede, die in de Tweede Wereldoorlog werkzaam was bij de Britse Geheime Dienst.[29] Volgens Howe is Krafft nooit werkzaam geweest als astrologisch adviseur van Hitler.
Uit de aantekeningen van Sommerfeldt blijkt dat Goebbels in november 1939 de derde en vierde regel van Zenturie 33 (welke regels de derde en vierde regel zijn van kwatrijn 05-94) aan Stalin koppelt. Er is geen enkele aanwijzing dat hij deze regels aan Hitler heeft gekoppeld.

h. Een brief van dr. Hans-Hermann Kritzinger aan Ellic Howe (1962)
In de bespreking van het relaas van Von Borresholm en Niehoff is ingegaan op de ontstaansgeschiedenis van het gebruik in de Tweede Wereldoorlog van de Centuriën voor psychologische oorlogvoering. Daarbij is de naam van Kritzinger gevallen. Kritzinger heeft zich in een brief aan Howe, gedateerd op 24 oktober 1962, erover beklaagd dat de commentaren die Krafft op de Centuriën gaf, veel te ver gingen. Als voorbeeld beschreef hij een discussie die hij met Krafft in de zomer van 1940 had gevoerd over de betekenis van kwatrijn 05-94. Kritzinger merkte over dit kwatrijn op dat de woorden Grande Germanie zonneklaar betrekking hadden op Groot-Duitsland. Immers, het Duitse leger had Brabant, Vlaanderen, Gent, Brugge en Boulogne veroverd tot aan de zeekust. De vraag was wie werd aangeduid met de woorden le grand duc d'Armenie en waarom die persoon Wenen en Keulen zou aanvallen. Kritzinger meende dat deze woorden betrekking hadden op Stalin, die geboren was in Georgië, niet ver van Armenië. In de zomer van 1940 was het echter ondenkbaar dat Stalin Wenen of Keulen zou aanvallen. Krafft zou toen hebben voorgesteld deze woorden uit te leggen als een zinspeling op Arminius en derhalve op de Führer van Groot-Duitsland, die in 1936 het Rijnland bezette, in 1938 Oostenrijk en twee jaar later Brabant, Vlaanderen enz.[30]
Uit Howe's beschrijving van de discussie die Kritzinger en Krafft hebben gevoerd over het commentaar op kwatrijn 05-94 blijkt niet of zij het uiteindelijk met elkaar eens zijn geworden.

 

De Meern, 10 januari 2006
T.W.M. van Berkel
bijgewerkt op
31 januari 2012

 

Noten
De titels, de plaats en het jaar van uitgifte van de publicaties van de in deze noten genoemde auteurs staan in de bibliografie.

  1. Boelcke-1966, p.109. [tekst]

  2. Sommerfeldt, p.50. Volgens Boelcke was Sommerfeldt voornamelijk tijdens de geheime dagelijkse propagandabesprekingen op het Propagandaministerie in de nabijheid van Goebbels (Boelcke-1966, p.109). [tekst]

  3. Sommerfeldt, p.56-57; Boelcke-1989 (1967), p.25; Howe, p.246, noot 3. [tekst]

  4. Sommerfeldt, p.52-61. [tekst]

  5. Noah (2005 [1928]), p.24; facsimile-Chomarat-2000, p.155. [tekst]   

  6. Sommerfeldt, p.58. [tekst]

  7. Boelcke-1966, p.191-193. [tekst]

  8. Boelcke-1966, p.192. [tekst]

  9. Nach Sommerfeldt erklärte Goebbels in diesen Tagen in der Konferenz zum Thema Nostradamus: [...] (Boelcke-1989 (1967), p.25). [tekst]

  10. Boelcke-1966, p.230; Boelcke-1989 (1967), p.25; Fröhlich, p.206. [tekst]

  11. Fröhlich, p.230. [tekst]

  12. Boelcke-1966, p.242. [tekst

  13. Fröhlich, p.208-209. [tekst

  14. Richter, p. 320. [tekst]

  15. "Pasteur", p.35-37; "Norab"-1940a, p.41-46.[tekst]

  16. Brochure-18-DE, p.13. De serie Informations-Schriften, een reeks anonieme nationaalsocialistische brochures, is voorzien van de uitgeversnaam Europa-Verlag. In werkelijkheid is deze serie uitgegeven door het Auswärtige Amt, het Duitse ministerie van Buitenlandse Zaken (dr. H. Eckert in Die Bewegung, 9e jaargang, nr. 18/19, 13 mei 1941, p.10). Deze informatie is afkomstig van Ulrich Maichle, een Duitse onderzoeker van de Centuriën en de Tweede Wereldoorlog (Maichle aan Van Berkel, 9 januari 2006). [tekst]

  17. Krafft-1940c, p.62-63; Krafft-1941-DK (1940c), p.70-72; Krafft-1941-ES (1940c), p.110-112; Krafft-1941-FR (1940c), p.145-148. [tekst]

  18. Kritzinger-1941 (Brochure-38-DE), p.14-16, cf. Krafft-1941, p.145-148. [tekst]

  19. De Tombre, p.27-29. [tekst]

  20. Von Borresholm/Niehoff, p.146-149. In het dagboek van Goebbels staan geen verwijzingen naar de gebeurtenissen in het leven van Krafft waarvan Von Borresholm en Niehoff gewag maken. De naam van Krafft komt in Goebbels' dagboek niet voor. Zie ook: Van Berkel: Dr. Goebbels nach Aufzeichnungen aus seiner Umgebung (B. von Borresholm / K. Niehoff, DE, 1949) [tekst]

  21. Vgl. c. Comment Nostradamus a-t-il entrevu l'avenir de l'Europe? [tekst]

  22. Boelcke-1966, p.223-224. [tekst]

  23. Van Berkel: De lotgevallen in 1939 van Mysterien von Sonne und Seele (dr. H.-H. Kritzinger, DE, 1961). [tekst]  

  24. Howe, p.231. [tekst]

  25. Howe, p.228 en p.250-251. [tekst

  26. Krafft-1940b, p.XVIII-XIX en p.XXII-XXIII. [tekst]

  27. Centurio-1953, p.128. [tekst]

  28. Centurio-1968, p.216. [tekst]

  29. Howe, p.273-293. [tekst]

  30. Howe, p.246-247. [tekst]

 

 
top

© T.W.M. van Berkel, De Meern, NL
alle rechten voorbehouden / all rights reserved

top