Home (NL)
Nieuwe artikelen
Bijgewerkte artikelen
Nostradamus
Onderzoeksresultaten
Analyse kwatrijnen
Tweede Wereldoorlog
Discussieplatform
Publicaties
Lezingen
Interviews/recensies
Frans onderzoek
Web links
Contact
Gratis nieuwsbrief
Privacy / cookies
Redactioneel
top

NOSTRADAMUS, ASTROLOGIE EN DE BIJBEL
substudie "TWEEDE WERELDOORLOG"
Informatie over dr. Max Pigeard de Gurbert alias dr. De Fontbrune (1900-1959)
- T.W.M. van Berkel -

English version
 

Dr. de Fontbrune
Dr. de Fontbrune, 1954
signeersessie
(foto: Neyens)

Enkele feiten uit het leven van dr. De Fontbrune
De naam "De Fontbrune", naam van een uitgestorven tak van de familie Pigeard de Gurbert, is het auteurspseudoniem van de Franse arts en Centurie-onderzoeker dr. Max Pigeard de Gurbert.
De Fontbrune werd geboren in Castres op 6 februari 1900. Zijn vader was vrederechter. Na het met succes afronden van zijn studie Grieks/Latijn ging De Fontbrune, om zijn vader een plezier te doen, rechten studeren in Bordeaux en promoveerde. Op 21-jarige leeftijd ging hij in Bordeaux geneeskunde studeren en specialiseerde hij zich in dermatologie en venerische ziekten. Tegen het einde van zijn studie ontmoette hij Marie-Thérèse Fonteneau, met wie hij op 8 september 1931 in het huwelijk trad. Uit dit huwelijk werden drie kinderen geboren. Jean, geboren in 1935, houdt zich net als zijn vader bezig met Nostradamus en gebruikt in zijn publicaties het auteurspseudoniem Jean-Charles de Fontbrune. De naam van één van de twee andere kinderen was Alain. In 1981 klaagde Alain zijn broer Jean-Charles aan; Alain was van mening dat de inhoud van Nostradamus - Historien et prophète, een boek over Nostradamus en de Centuriën van Jean-Charles, uitgegeven in 1980, dat in de zomer van 1981 in Frankrijk veel ophef teweegbracht, schade toebracht aan wat hun vader over Nostradamus had geschreven.
In 1932 begon De Fontbrune een praktijk in Sarlat in een 16e-eeuws hotel. In de zomer van 1934 kwam hij voor het eerst in aanraking met de Centuriën. Eén van zijn patiënten gaf hem een Lyonese editie van de Centuriën, daterend uit 1606. Bij het lezen ervan werd De Fontbrune getroffen door de opmerking in de Brief aan de Franse koning Henri II dat in drie gebieden (Romanië, Germanië en Spanje) door militair toedoen diverse sekten zouden ontstaan. De Fontbrune koppelde deze opmerking aan de opkomst had van het fascisme en het nationaalsocialisme en kwam tot de conclusie dat generaal Franco, in 1934 benoemd tot stafchef van het leger, dictator van Spanje zou worden, iets dat enkele jaren later een feit werd.
Tussen 1937 en zijn overlijden in 1959 heeft De Fontbrune vijf boeken geschreven over Nostradamus.  De aankondiging in 1938 in Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées dat Duitsland de komende Frans-Duitse oorlog zou verliezen, bracht het Vichy-bewind er in november 1940 toe verspreiding van dit boek, waarvan inmiddels de zesde, zevende en achtste druk waren verschenen, te verbieden. De brief van 13 november 1940 van Ch. Nismes, censor in Cahors, aan de beheerders van de in Cahors gevestigde drukkerij/uitgeverij Coueslant, wekt de indruk dat het om een voorzorgsmaatregel ging. De commentaren van De Fontbrune zouden tot heftige reacties van de bezettende autoriteiten kunnen leiden. Alle in bibliotheken circulerende exemplaren in de Vichy-regio werden in beslag genomen en vernietigd, evenals het zetsel. Diverse malen heeft de Gestapo tevergeefs geprobeerd hem te arresteren.
In augustus 1945 begon De Fontbrune een praktijk als dermatoloog in Périgueux en werd hij benoemd tot hoofd van de afdeling dermatologie en venerische ziekten van het ziekenhuis aldaar. Hij deed onderzoek naar behandelingen van dermatologische en venerische aandoeningen en gaf onderwijs aan verpleegkundigen. In 1955 verliet hij Périgueux; zijn filosofische en politieke ideeën vielen niet goed bij een aantal notabelen aldaar. Na enige tijd kon hij zich in Aix-en-Provence vestigen als dermatoloog. 
Na een lang ziekbed is De Fontbrune overleden in een ziekenhuis in Montpellier op 6 juni 1959.[1]

 

Publicaties [2]

Les Prophéties de Nostradamus dévoilées - Lettre à Henri II (1937 en 1939)
Eerste van De Fontbrune's publicaties in boekvorm over Nostradamus. Hierin stond een transcript van de Brief aan Henri II en een door De Fontbrune gemaakte vertaling in modern-Frans. Het boek is herdrukt in 1939. In de biografie die Jean-Charles de Fontbrune over zijn vader heeft geschreven, lijkt deze publicatie niet te zijn genoemd.

Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées (1938-1975)
Tweede van De Fontbrune's publicaties in boekvorm over Nostradamus. In februari 1938 werd het manuscript aangeboden aan de drukker; de eerste druk verscheen bij uitgeverij Michelet in Sarlat (departement Dordogne) op 8 september van dat jaar. Hierin stonden commentaren van De Fontbrune waarin hij gebeurtenissen die in het verleden in Europa en de landen rond de Middellandse Zee hadden plaatsgevonden aan Centurie-kwatrijnen, Présages en Sixains had gekoppeld. Aan de hand van een aantal andere Centurie-kwatrijnen, Présages en Sixains had hij gebeurtenissen beschreven die volgens hem in de toekomst zouden plaatsvinden tot aan het Laatste Oordeel, dat zich volgens hem zou voltrekken in of rond 1999. Van de eerste druk werd een op fijn perkament gedrukt exemplaar naar het Vaticaan gezonden. Volgens zijn zoon Jean-Charles had De Fontbrune in de eerste druk het overlijden in februari 1939 voorspeld van paus Pius XI, het uitbreken van de Frans-Duitse oorlog en de Duitse nederlaag.[3] 
De Fontbrune heeft vanaf de eerste druk van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées nadrukkelijk een verband gelegd tussen de nostradamieke voorspellingen en bijbelse profetieën; in zijn ogen stond de inhoud van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées op één lijn met de leer van de Rooms-katholieke Kerk.
In de loop der jaren herzag De Fontbrune de inhoud van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées voortdurend. In 1939 verschenen bij Michelet de tweede, derde, vierde, vijfde en zesde druk. De vijfde druk, in mei 1939 aan de drukker aangeboden, was vervaardigd als eerbetoon aan Pius XII, die op 2 maart 1939 tot Paus was gekozen.
[4] Fragmenten uit deze uitgave zijn in november-december 1939 gebruikt in een Duitse nationaalsocialistische tekst over Nostradamus, ter illustratie van de propagandistische boodschap dat Nostradamus de nabije ondergang van Engeland had voorspeld. In het tweede kwartaal van 1940 verscheen deze brochure in acht talen, waaronder het Frans (Que se passera-t-il entre le printemps 1940 et le printemps 1941?). Het is mij niet bekend of De Fontbrune op de hoogte is gesteld van de inhoud van deze brochure en hoe zijn reactie erop was.[5] 
In 1940 verschenen de zevende en achtste druk van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées. De achtste druk, verschenen rond september 1940 met een voorwoord, gedateerd op 15 augustus 1940, bevatte een register van aardrijkskundige benamingen en een lijst van kwatrijnen, Sixains en nostradamieke teksten die gekoppeld waren aan gebeurtenissen in 1939 en gebeurtenissen in Frankrijk na de Duitse invasie in mei 1940. In een ingevoegd hoofdstuk, genummerd XIV, besteedde De Fontbrune aandacht aan de gebeurtenissen in Frankrijk ten tijde van de Duitse invasie en ontvouwde hij een scenario waarin ook Rusland betrokken zou raken bij de oorlog.
Of in de periode 1940-1946 een negende druk van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées in omloop is gebracht, is niet duidelijk. Een dergelijke uitgave is niet vermeld in online-catalogi van antiquariaten en bibliotheken. De Fontbrune en zijn zoon hebben er evenmin naar verwezen. De uitgave van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées die in 1946 in Sarlat verscheen, was genummerd als de tiende druk. Hierin waren delen van de tekst herzien en waren aanvullingen opgenomen, wat onder andere verband hield met hetgeen zich tijdens de Tweede Wereldoorlog had afgespeeld. 
De elfde druk van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées verscheen in Cahors in 1958, een jaar voor het overlijden van De Fontbrune. Ook hierin had De Fontbrune de inhoud op een aantal punten veranderd en bijgewerkt. De twaalfde druk, deels herzien door De Fontbrune jr., die deze uitgave ook voorzag van een biografie over zijn vader, verscheen in Aix-en-Provence in 1975. Deze druk zou in 1976 in Parijs opnieuw worden uitgegeven onder de titel Ce que Nostradamus a vraiment dit met een voorwoord van Henry Miller (1891-1980), die sterk geïnteresseerd was in Nostradamus en astrologie en een hechte vriendschap had met de astroloog Sydney Omarr, waarna De Fontbrune jr. zelf over Nostradamus en diens voorspellingen ging schrijven. Van Ce que Nostradamus a vraiment dit is in 1981 in Wenen een vertaling verschenen, getiteld Was Nostradamus wirklich sagte - die authentischen Exegese des französischen Forschers. Vanaf 1983 werd deze vertaling in Duitsland gedrukt en uitgegeven.

Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées

Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus, 5e druk
Les Prophéties..., 
5e druk, 1939
Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus, 12e druk
Les Prophéties..., 
12e druk, 1975
Ce que Nostradamus à vraiment dit (1976)
Ce que Nostradamus 
a vraiment dit
(1976)
Was Nostradamus wirklich sagte... (1991)
Was Nostradamus wirklich sagte... (1991)

Les prophéties en marche - La prédiction mysterieuse de Prémol (1939)
Een boek waarin De Fontbrune zijn veronderstelling heeft uitgewerkt dat kennis van Nostradamus de belangrijkste bron was van de "voorspellingen van Prémol", een serie voorspellingen, deel uitmakend van de papieren van een in 1792 overleden notaris die zaakwaarnemer was voor het Karthuizerklooster van Prémol.

Des Hébreux à l'Antechrist in "Dies Irae"- visions prophétiques de Zacharie le Voyant, suivies de l'Apocalypse appliquée à notre temps (Parijs, 1948)
Des Hébreux à l'Antechrist gaat vooraf aan het eerste deel van "Dies Irae"...geschreven door Honoré de Temniac. Dit boek bestaat uit twee gedeelten. In het eerste gedeelte heeft De Temniac de tekst van Le Jour de la colère, ou la Main de Dieu sur un empire, visions prophétiques d'un voyant de Juda, publiées par l'abbé A. Fatacioli (1856) van commentaar voorzien. Het tweede gedeelte is getiteld De l'Apocalypse appliquée à notre temps.

La divine tragédie de Louis XVII (1949)
Sinds de Franse Revolutie is het de vraag of Louis XVII, de zoon van Louis XVI, de laatste Franse koning, de revolutie heeft overleefd of niet. In La divine tragédie de Louis XVII beschrijft De Fontbrune de verwikkelingen in 1795, valse kroonprinsen en becommentarieert hij kwatrijnen die volgens hem verband houden met de ontsnapping en vlucht van Louis XVII. Volgens De Fontbrune was paus Pius XII een afstammeling van Louis XVII.

L'Etrange XXe Siècle vu par Nostradamus (1950)
Aan de hand van de onderzoeksmethode die hij in Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées gebruikte, heeft De Fontbrune in L'Etrange XXe Siècle vu par Nostradamus een aantal kwatrijnen gekoppeld aan de volgens hem op handen zijnde Derde Wereldoorlog.

Voorwoord in Les Derniers jours des derniers temps - regards critiques sur les prophéties (1959)
Les Derniers jours des derniers temps - regards critiques sur les prophéties is geschreven door Yves Dupont-Fournieux en verschenen bij uitgeverij La Colombe in Parijs (Éditions du Vieux Colombier). Dupont-Fournieux heeft verschillende boeken geschreven over profetieën in het Rooms-Katholicisme, met bijzondere aandacht voor profetieën met betrekking tot de eindtijd. In nummer 97 van Les Cahiers Astrologiques (A. Volguine, red.), een nummer, verschenen in 1962 en speciaal gewijd aan Nostradamus, staat een bijdrage van Dupont-Fournieux.

Essai sur les évènements de demain (ongepubliceerd manuscript, 1959)
Op pagina IX-XI van zijn biografie over dr. De Fontbrune heeft zijn zoon Jean-Charles de inhoud beschreven van een manuscript van zijn vader, gedateerd op 20 februari 1959. In dit manuscript heeft De Fontbrune zich alleen met de toekomst beziggehouden. In het commentaar op voorspellingen van Nostradamus beschrijft hij een tijdvak waarin de westerse beschaving dreigt te worden vernietigd. De Fontbrune verwachtte onder andere dat Parijs door brand zou worden verwoest en dat een deel van Marseille zou worden weggevaagd door een vloedgolf. Verder zouden zich krachtige aardbevingen voordoen en zou een pestepidemie uitbreken waaraan tweederde van de mensheid zou bezwijken. De Paus zou uit Rome verjaagd worden, wat zou leiden tot een schisma. In Frankrijk zou een samenzwering worden belegd, met als gevolg dat de socialistische regering zou aftreden en het Huis Bourbon zou worden gerestaureerd. Rond deze gebeurtenissen zou een oorlog uitbreken tussen het Oosten en het Westen. 
De Fontbrune jr. merkte op dat de gebeurtenissen die zijn vader had beschreven, in tegenstelling stonden met de actualiteit. Niettemin was hij van mening dat zijn vader maritieme manoeuvres van Rusland in de Middellandse Zee in 1967 ten tijde van de Zesdaagse Oorlog tussen Israël en de Arabische landen juist had voorzien, toen hij in 1959 schreef over de aanwezigheid van een Russische vloot in de Middellandse Zee, iets dat in die tijd ondenkbaar was omdat de Middellandse Zee werd beheerst door de Amerikaanse marine.

Artikelen in tijdschriften
De Fontbrune heeft over Nostradamus diverse artikelen gepubliceerd. Gevonden titels:

  • Le docteur Nostradamus vous parle (Cahiers de Marottes et Violons d'Ingres, Parijs, 1953, nr. 10)

  • Nostradamus (Synthèses, 1955, nr. 3 [augustus])

  • Pourquoi je crois en Nostradamus (Ecclesia, 1956, nr. 82)

 

Beroemd en verguisd
In het voorwoord bij de achtste druk van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées, gedateerd op 15 augustus 1940, heeft De Fontbrune de effecten beschreven die zijn boek hadden teweeggebracht. De reacties op de inhoud van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées zijn nogal controversieel geweest. Vanaf de eerste druk, zo schreef De Fontbrune in zijn voorwoord, waren er enthousiaste reacties en bittere kritieken. Sceptici hadden ironisch geglimlacht over de inhoud. Anno 1940 kon hij echter een opsomming geven van uitspraken van hem die bewaarheid waren geworden. De Fontbrune komt eruit naar voren als een Centurie-onderzoeker die tevreden en wel kan bogen op zijn resultaten.
De meningen over De Fontbrune lopen sterk uiteen. Volgens zijn zoon Jean-Charles was De Fontbrune de eerste Centurie-onderzoeker die tot een volledige vertaling van de Centuriën kwam. Jean-Charles bestempelde het commentaar van zijn vader op de Centuriën als weergaloos. Voor hem stond het vast dat het zijn vader was gelukt tot een uitleg te komen in de geest van Nostradamus en dat hij als eerste in staat was om tussen de regels door gebeurtenissen te ontdekken die zich nog niet hadden voorgedaan. De numerologische sleutel die de Franse Centurie-onderzoeker P.V. Piobb in de jaren '20 had ontwikkeld, was volgens Jean-Charles van nul en generlei waarde.[6] Uit de biografie over zijn vader die Jean-Charles ter inleiding op de (postuum verschenen) twaalfde druk van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées had geschreven, blijkt echter dat hij, in tegenstelling tot zijn vader, van mening was dat het niet mogelijk was nostradamieke voorspellingen te voorzien van een vervullingjaar, omdat er in nostradamieke voorspellingen slechts zelden vervullingdata en perioden staan.
In 1940 genoot Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées bekendheid tot over de grenzen van Frankrijk. De Fontbrune kreeg veel brieven van lezers.[7] Ook in Nederland heeft Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées een zekere bekendheid genoten. In het exemplaar van de vijfde druk dat in het bezit is van www.nostradamusresearch.org staan Nederlandstalige aantekeningen. In de editie van 9 februari 1940 van het weekblad De Groene Amsterdammer is over dit boek onder andere opgemerkt dat de Parijse boekhandel Flammarion "in de laatste maand" 3.000 exemplaren ervan had verkocht. Dit artikel is een vertaling van een artikel, gedateerd op 28 oktober 1939, dat verschenen is in de editie van 4 november 1939 van het Amerikaanse weekblad The New Yorker; de periode "de laatste maand" is een periode die ten tijde van of kort na de Duitse inval in Polen is begonnen, wat erop wijst dat ten tijde van of kort na het uitbreken in september 1939 van de Tweede Wereldoorlog, de belangstelling in Frankrijk voor de Centuriën in beduidende mate toenam. In twee artikelen over Nostradamus en de Centuriën, verschenen in de edities van april en mei 1940 van het maandblad Astrologische Wereldschouw, heeft de auteur, een zekere Van der Willigen, aan de hand van dit boek voor de nabije toekomst een zeven maanden durende Frans-Duitse oorlog beschreven die voor Duitsland in eerste instantie succesvol zou verlopen om uiteindelijk uit te monden in een verpletterende nederlaag en een opgelegde vrede.[8]
Volgens mr. dr. Hendrik Houwens Post, van wiens hand in 1941 de eerste, Nederlandse vertaling van de Centuriën verscheen, had De Fontbrune de theorie dat Nostradamus toekomstige personen en gebeurtenissen dikwijls aanduidt met de namen van soortgelijke personen en gebeurtenissen uit het verleden, het best ontwikkeld. Houwens Post was verder van mening dat de symbolistische benadering die door onder andere De Fontbrune werd voorgestaan, de juiste was.[9]
De Franse Centurie-onderzoeker en bibliograaf Robert Benazra had geen hoge dunk van de biografische en bibliografische kennis van De Fontbrune als het om Nostradamus of de Centuriën ging. Tot in minstens de vijfde druk had De Fontbrune in het hoofdstuk Le frontispice de l'édition d'Amsterdam betoogd dat de bovenste illustratie op de omslag van de editie-Amsterdam-1668 betrekking had op de dood van Louis XVI en de onderste illustratie een grote brand in Parijs voorstelde, terwijl de bovenste illustratie betrekking had op de onthoofding in 1649 van de Britse koning Charles I en de onderste illustratie betrekking had op de grote brand in Londen in 1966. De uitgever van de editie-Amsterdam-1668 had nota bene in zijn inleiding uitgelegd wat de omslagillustraties voorstelden. Aan de andere kant benadrukte Benazra dat de interpretatiemethoden die De Fontbrune had ontwikkeld (filologisch, symbolisch en cryptografisch) tot opmerkelijke resultaten hadden geleid. Daarentegen had hij geen enkele waardering voor De Fontbrune's verhandeling over de Voorspellingen van Prémol.[10]
In het dossier Nostradamus et les Catastrophes ten slotte dat onder redactie staat van Paul-Eric Blanrue, zijn De Fontbrune en zijn zoon Jean-Charles afgeschilderd als kleine slimmeriken die van Nostradamus een familieaangelegenheid hebben gemaakt en die zonder scrupules hun van rampen vervulde commentaren op de Centuriën in de loop der jaren stilzwijgend hebben aangepast aan de loop van de geschiedenis om op die manier ten eigene bate aan te tonen dat Nostradamus een groot profeet was.[11] 

 

www.nostradamusresearch.org over Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées
De Fontbrune is een in een aantal opzichten opmerkelijk Centurie-onderzoeker geweest. Zijn onderzoek strekte zich uit tot het gehele nostradamieke oeuvre, niet alleen tot de Centuriën maar ook tot de Présages en Sixains. Hij legde verbanden tussen het nostradamieke oeuvre, bijbelse profetieën, de Voorspellingen van Prémol en de profetieën van Orval. Zijn kennis van het nostradamieke oeuvre heeft aantoonbare hiaten gehad, niettemin was hij een belezen man.
De Fontbrune was in zijn onderzoek vooral gericht op Frankrijk. Hij zag voor Frankrijk een belangrijke rol weggelegd in het wereldgebeuren; na de oorlog zou Frankrijk weer worden geregeerd door een machtig koning terwijl Pius XII, in zijn ogen een afstammeling van Louis XVII, de leidende kracht zou zijn in de christelijke wereld.
In de Tweede Wereldoorlog hebben de Centuriën een belangrijke betekenis gehad voor De Fontbrune. Kort na zijn eerste kennismaking in 1934 met de Centuriën kwam hij op grond van de Brief aan Henri II tot de conclusie dat Franco dictator van Spanje zou worden, en bij het horen van de toespraak die generaal De Gaulle in juni 1940 vanuit Londen hield, associeerde De Fontbrune hem met de in de Brief aan Henri II genoemde "tweede Thrasybulus". Uit de Centuriën leidde hij af dat Frankrijk de oorlog met Duitsland zou winnen, een overtuiging die hij tijdens de voor Frankrijk zo rampzalig verloren strijd in mei-juni 1940 staande hield. Het is niet ondenkbaar dat hij zich in zijn onderzoek naar het nostradamieke oeuvre en werken die hij ermee in verband bracht, gesterkt voelde in zijn opvattingen omdat in de aanloop tot en het verloop van de Tweede Wereldoorlog belangrijke uitspraken van hem over Franco, Frankrijk en Duitsland bewaarheid werden.
Uit de voorwoorden van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées en uit de biografie van zijn zoon Jean-Charles blijkt dat De Fontbrune zijn mening over de Centuriën en zijn uitspraken over de toekomst niet onder stoelen of banken stak. Hij correspondeerde met zijn lezers, schroomde niet om zijn collega's deelgenoot te maken van wat volgens de Centuriën in de toekomst zou gebeuren en zond exemplaren van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées aan Pius XI en Pius XII, pausen die wat betreft het einde en het begin van hun pontificaat in zijn ogen het begin markeerden van de vele omwentelingen waarvoor de wereld tot 1999 geplaatst was.
De duidingmethodiek van De Fontbrune kan worden omschreven als een consequent, tot in het oneindige toegepaste decodering van afkortingen, astrologische en astronomische begrippen, getallen, neologismen, persoonsnamen, mythologische namen en begrippen, symbolen en tijdsaanduidingen, waarbij het oneindige en het absurde vaak met elkaar zijn samengevallen. Opvallend daarbij is onder andere dat De Fontbrune Présages op grond van hun maandaanduiding aan jaren in de twintigste eeuw koppelde en getallen in de Sixains als jaartallen beschouwde, ongeacht de context waarin deze getallen waren genoemd. In afkortingen zag hij anagrammen, in astrologische configuraties zag hij symbolische aanduidingen en verder waren er de Latijnse stamwoorden die hij uit de kwatrijnteksten herleidde en interpreteerde. De Fontbrune was ervan overtuigd dat zijn benadering, gebaseerd op wat hij filologie noemde en analyse van symbolen en anagrammen, het mogelijk maakte om de betekenis te doorgronden van kwatrijnen die nog niet in vervulling waren gegaan, en dat zijn tijdanalyse op grond van perioden, genoemd in de Centuriën, maanden, genoemd bij iedere Présage en getallen in de Sixains, die hij voor jaartallen aanzag, in een aantal gevallen onthulden wanneer zich bepaalde gebeurtenissen zouden voltrekken.
In 1934 maakte De Fontbrune voor het eerst kennis met de Centuriën. In 1958, een jaar voor zijn dood, verscheen de elfde druk van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées. Meer dan twintig jaar heeft het nostradamieke oeuvre zijn aandacht gehad. De diverse drukken van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées, stuk voor stuk gewijzigde herdrukken, vormen de neerslag van de ideeën die hij in de loop der jaren heeft ontwikkeld, uitgedragen en in een aantal gevallen weer heeft laten varen. In een aantal drukken van Les Prophéties de Maistre Michel Nostradamus - Expliquées et commentées is in het voorwoord of een voetnoot aangegeven dat er veranderingen in waren aangebracht, vergeleken met voorgaande drukken. Hij heeft deze veranderingen vrijwel nooit in detail beschreven. Evenmin heeft hij aangegeven dat hij zijn studie zou voortzetten en in een volgende druk zijn nieuwe inzichten zou beschrijven, die in een aantal opzichten zouden kunnen afwijken van wat hij tot dan toe geschreven had. In zijn onderzoek naar de toekomst moest hij een aantal van zijn uitspraken bijstellen vanwege de loop van de geschiedenis, bijvoorbeeld toen de Duitse troepen Frankrijk niet binnenvielen vanuit Zwitserland in 1941, zoals hij dacht, maar vanuit België in mei 1940, of toen Pius XII in 1958 overleed en niet in 1970. Naar mijn mening is hierbij geen sprake geweest van opportunisme of van het exploiteren van de Centuriën voor eigen gewin. 
Wat mij fascineert, is of De Fontbrune zich naar aanleiding van zijn falende uitspraken de vraag heeft gesteld of zijn duidingsystematiek goed was of niet. Het heeft er veel van weg dat hij geen aanleiding heeft gezien zijn duidingsystematiek te herzien.

 

 

De Meern, 4 augustus 2008
T.W.M. van Berkel
bijgewerkt op 17 oktober 2008

 

Noten
De titels, de plaats en het jaar van uitgifte van de publicaties van de in deze noten genoemde auteurs staan in de bibliografie.

  1. De biografische informatie berust op de biografie van Jean-Charles de Fontbrune in De Fontbrune-1975, p.I-VIII. De foto van De Fontbrune is een uitsnede van de foto in dit boek. [tekst]
  2. Tenzij anders vermeld, is de bibliografische informatie afkomstig uit de beschrijvingen van Robert Benazra in Repertoire Chronologique Nostradamique. [tekst]
  3. De Fontbrune-1975, p.V. Op deze pagina staat abusievelijk de naam Pius IX vermeld in plaats van de naam Pius XI. [tekst]
  4. De Fontbrune-1975, p.5. [tekst]
  5. Van Berkel: Was bringt das Jahr 1940?. [tekst]
  6. De Fontbrune-1975, p.VIII-IX. Jean-Charles heeft niets geschreven over het feit dat Piobb (auteurspseudoniem van graaf Pierre Vincenti da Piobetta) in 1927 in Le secret de Nostradamus et de ses célèbres prophéties du XVIe siècle de veronderstelling had uitgewerkt dat de kwatrijnen oorspronkelijk in het Latijn waren geschreven en vervolgens vertaald in een primitief soort Frans. [tekst]
  7. De Fontbrune-1975, p.VI. [tekst]
  8. Van Berkel: De Profetieën van Nostradamus. Van der Willigen in: Astrologische Wereldschouw, april en mei 1940. [tekst]
  9. Vreede, p.14-16. [tekst]
  10. Benazra, p.484 en p.486-487. Benazra heeft in zijn kritiek niet vermeld dat De Fontbrune in zeker de vijfde druk in een noot op pagina 44 stilstond bij de opvatting dat deze illustraties betrekking hadden op de onthoofding in 1649 van Charles I en en grote brand in Londen in 1666. [tekst]
  11. Zie http://www.zetetique.ldh.org/nostradamus.html. [tekst]
 

 
top

© T.W.M. van Berkel, De Meern, NL
alle rechten voorbehouden / all rights reserved

top