Home (NL)
Nieuwe artikelen
Bijgewerkte artikelen
Nostradamus
Onderzoeksresultaten
Analyse kwatrijnen
Tweede Wereldoorlog
Discussieplatform
Publicaties
Lezingen
Interviews/recensies
Frans onderzoek
Web links
Contact
Gratis nieuwsbrief
Privacy / cookies
Redactioneel
top

NOSTRADAMUS, ASTROLOGIE EN DE BIJBEL
DISCUSSIEPLATFORM
Bijdrage aan een Nostradamus-workshop, symposium L'astrologie et le monde, Parijs
- T.W.M. van Berkel -

English version
 

Poster MAU 2004Op 12 en 13 november 2004 werd in Parijs voor de 30e maal het jaarlijkse congres gehouden van de Mouvement Astrologie Unifié (MAU), opgericht in 1975 door dr. Jacques Halbronn.
Het thema van het congres was: astrologie en de wereld - vanuit de astrologische visie op de wereld en vanuit de visie van de wereld op de astrologie. Het congres was tevens een eerbetoon aan Jean-Charles Pichon, Frans cineast, dichter, onderzoeker en schrijver.
De middag van 12 november was gewijd aan Nostradamus. Er werden presentaties gegeven door Jean-Christophe Pichon, een zoon van Jean-Charles Pichon, die de decodering van de kwatrijnen beschreef, ontwikkeld door zijn vader; Roger Prevost, schrijver van Nostradamus - la mythe et la realité, die besprak hoe kwatrijnen in verband staan met gebeurtenissen in de tijd van Nostradamus; Bernard Chevignard, schrijver/samensteller van Présages de Nostradamus, die zijn verdere onderzoek naar De Chavigny besprak;  Gérard Morisse, die de op handen zijnde uitgave toelichtte van zijn studie over de Budapest-variant van de in 1557 gedateerde Du Rosne uitgave, Yves Nenoble, die een verhandeling hield over astrologische facetten in de kwatrijnen en het verband besprak tussen aan de ene kant de kwatrijnen 01-16 en 01-54 en aan de andere kant Roussat's Livre de l'estat et mutation des temps (1550 [1549]); en Theo van Berkel, die rond het thema authenticiteit vier discussiepunten aan de orde stelde.
Naar de mening van de aanwezigen heeft Lenoble de beste presentatie gegeven.

 

De tekst van de bijdrage van Theo van Berkel luidde als volgt:

 

Dames en heren,

Welke problemen wil ik presenteren en bediscussiëren? Het zijn problemen met betrekking tot de bronnen waarvan wij in ons onderzoek gebruik maken, de tussenkomst van andere partijen in het proces van schrijven of samenstellen van een boek en het imago van Nostradamus, dat mij beslissend lijkt bij het onderzoek van zijn persoon en zijn werk. U zult zien dat deze problemen niet los staan van elkaar, maar met elkaar in verband staan.

Ik wil beginnen met het imago van Nostradamus. Hij is in het overgrote deel van de wereld bekend vanwege de Centuriën, maar men geeft er zich niet genoeg rekenschap van dat hij geboortehoroscopen berekende, uurhoeken berekende en mundane astrologie beoefende, dat wil zeggen voorspellingen schreef over gebeurtenissen in de wereld, hun vervullingdatum en de plaats, regio of het land van vervulling. Al deze elementen: de gebeurtenis, de vervullingchronologie en de plaats van vervulling, zijn aanwezig in de Almanachs en Pronostications. Precies daarin bestaat een fundamenteel verschil met de Centuriën, omdat in de Centuriën bovenal de chronologie ontbreekt, gevolgd door de plaats van vervulling.
De vraag is hoe de bronnen van de Centuriën ontdekt kunnen worden, teneinde de oorsprong vast te stellen van de voorspellingen die in de kwatrijnen staan. Hoe moet worden gedetermineerd of er sprake is van astrologische bronnen of andere bronnen zoals geschiedkundige of profetische bronnen? Op die manier houden wij ons ook bezig met de vraag of het met het astrologisch apparaat van de Almanachs en Pronostications mogelijk is de Centuriën samen te stellen, of dit astrologisch apparaat toereikend is voor een dergelijk project, voor een serie van honderden voorspellingen voor honderden jaren.

Na de dood van Nostradamus in 1566 heeft men geprobeerd hem fundamentele voorspellingen toe te schrijven aangaande de toestand in Frankrijk tijdens de godsdienstoorlogen in de tweede helft van de zestiende eeuw. Volgens het "Recueil des Présages Prosaïques" werden deze oorlogen ingeluid door het overlijden van Henri II in 1559, onder andere voorspeld in "Les Significations de l'Eclipse 1559", bekend om het antwoord op eigentijdse critici van Nostradamus.
Ik heb geprobeerd de puntjes op de -i- te zetten door aan te tonen dat er in "Les Significations..." sprake is van twee horoscopen van de Maansverduistering van september 1559, die niet identiek zijn, omdat in één ervan een fout staat: Mars in Boogschutter conjunct Antares. In een Engelse clandestiene vertaling van de "Almanach pour 1559" en in bepaalde passages van het "Recueil des Présages Prosaïques" kan men lezen dat voor de periode september-oktober 1559 de positie van Mars beschreven staat als zijnde in Steenbok. Men kan zich moeilijk voorstellen dat een astroloog, twee of drie maanden na het voltooien van een Almanach, passages schrijft met tegenstrijdige gegevens. Noch in de Engelse vertaling, noch in het "Recueil des Présages Prosaïques" wat betreft 1559, zijn er sporen van een horoscoop van deze Maansverduistering en het is nauwelijks voorstelbaar dat een astroloog een horoscoop berekent en die vervolgens terzijde schuift ten gunste van een horoscoop die er tegenstrijdig aan is.
De toevoeging van tekst uit "Eclipsium omnium..." van Leovitius betekent dat men heeft geprobeerd aan Nostradamus toe te schrijven dat hij het overlijden van Henri II heeft voorspeld.
Tijdens een discussie over deze kwestie op "Encyclopaedia Hermetica" stelde dr. Gruber, een Duits onderzoeker, dat een dergelijke tegenstrijdigheid karakteristiek is voor het oeuvre van Nostradamus. Anders gezegd: de aanwezigheid van dergelijke tegenstrijdigheden in publicaties, toegeschreven aan Nostradamus, impliceren - samen met andere factoren - dat Nostradamus de schrijver is, ook gelet op zijn "profetisme". 
De vraag is: hoe moeten tegenstrijdige gegevens in het nostradamische oeuvre worden geanalyseerd en geïnterpreteerd, om vast te stellen of een bepaalde publicatie authentiek is of een vervalsing?
[1]

Laten wij ook eens kijken naar de Brief aan Henri II, zoals wij die kennen uit verscheidene publicaties, bijvoorbeeld die van Le Pelletier. Deze Brief is gedateerd op 27 juni 1558 en bevat geen enkele voorspelling aangaande het overlijden van Henri II.  Zo bezien komt de Brief aan Henri II overeen met de Engelse vertaling van de "Almanach pour 1559", die is samengesteld in de periode maart-mei 1558, waarin eveneens geen enkele voorspelling staat aangaande het overlijden van Henri II. 
De authenticiteit van "Les Significations..." kan worden betwist, in het bijzonder vanwege de inhoud ervan die betrekking heeft op het overlijden van een koning. Betekent dit dat de Brief aan Henri II authentiek is, omdat deze Brief overeenkomt met andere voorspellingen voor 1559, in die zin dat er geen voorspellingen zijn aangaande het op zekere datum overlijden van Henri II?

Het laatste probleem heeft betrekking op de mogelijkheid dat bepaalde delen van het nostradamische oeuvre zijn geredigeerd of herzien door anderen, met of zonder Nostradamus' toestemming.
Jean Brotot, een Lyonese uitgever, heeft een brief aan Nostradamus geschreven, gedateerd op 20 september 1557. Enkele dagen ervoor had hij twee manuscripten van Nostradamus ontvangen met voorspellingen voor 1558. In zijn brief van 20 september 1557 schreef Brotot dat de tekst in deze manuscripten niet aantrekkelijk zou zijn voor de lezers, en dat hij besloten had er slechts één van uit te geven, waaraan hij elementen zou toevoegen uit het andere manuscript. Verder zou hij kalenders toevoegen over de maanfasen en hij zou "filosofische regels" toevoegen.
De inhoud van deze brief legt één van de oorzaken bloot van de verschillen tussen maanfasegegevens in de kalenders en in de tekst: tussenkomst van een uitgever, buiten Nostradamus om. De inhoud wijst ook uit dat de volgorde van de voorspellingen enz. in het uiteindelijk uitgegeven boek niet overeenstemt met die in het manuscript.
Wat het meest interessant is, is de verwijzing naar "filosofische regels". Is dit een verwijzing naar de korte zinnetjes in de maanfasekalenders met betrekking tot iedere dag in de maand, of is dit een verwijzing naar de maandkwatrijnen? Anders gezegd: zijn deze kwatrijnen geschreven door Nostradamus of toegevoegd door Brotot met het doel de uitgave te verfraaien en voor de lezers aantrekkelijk te maken?
[2] 

 

Parijs, 12 november 2004
T.W.M. van Berkel

J Halbronn en TWM van Berkel

Dr. Jacques Halbronn en Theo van Berkel
Bibliotheca Astrologica, Parijs, 12-11-2004

 

Noten

  1. Van Berkel: Les Significations de l'Eclipse 1559 en Les Significations de l'Eclipse 1559 en de Pronostication for the year 1559. [tekst]

  2. Van Berkel: Astrologische ongerijmdheden in Almanachs, Pronostications en correspondentie. [tekst]

 

 
top

© T.W.M. van Berkel, De Meern, NL
alle rechten voorbehouden / all rights reserved

top